Bananenbeignets

De banaan behoort tot de oudste cultuurgewassen ter wereld en stamt oorspronkelijk uit Zuidoost-Azië en India. Tegenwoordig wordt hij overal waar een tropisch klimaat dat toelaat gekweekt. Bananen komen vooral voor in Zuid- en Midden-Amerika. De tegenwoordige soorten bevatten geen zaad meer en kunnen rauw worden gegeten.

De groeiwijze voor de banaan is heel bijzonder. Na een jaar verschijnt de’ grote bloemstengel in de plant. Deze stengel gaat door het gewicht naar beneden hangen. Onderaan hangen de mannelijke bloemen die tegenwoordig op zeer bescheiden schaal in blik worden verkocht als een soort groente (smaak en vorm doen enigszins aan de artisjok denken, de harde bladeren kunnen ook het beste worden uitgezogen). Meer naar boven zitten de vrouwelijke bloemtrossen die zonder bestuiving de zaadloze vruchten in kammen voortbrengen.

De bananen die wij kopen worden in hel land van herkomst groen en onrijp geplukt, in koelschepen vervoerd en vervolgens kunstmatig gerijpt. Het zal duidelijk zijn dat bananen, op natuurlijke wijze aan de plant gerijpt, veel smakelijker zijn en alle vitaminen behouden hebben. Maar ook de banaan die wij eten is nog best een appetijtelijke vrucht, met een heerlijke, zoete smaak, veroorzaakt door het hoge suikergehalte dat in sommige gevallen tot zo’n 18 tot 20% kan oplopen. Er bestaan echter ook soorten die beduidend minder suiker bevatten en meer zetmeel, en die gebruikt worden in de keuken van vooral tropische landen als kook- of bakbanaan. Bananen kunnen als tafelfruit worden gegeten, maar ook op verschillende manieren in gebak en nagerechten worden verwerkt.

BANANENBEIGNETS

Ingrediënten:

4 tot 6 bananen, sap van citroen, mespunt kaneel, mespunt foelie – gemalen, 30 g witte basterdsuiker

voor het beslag: 60 g bloem, mespunt zout, 1 ei, 1 dl bier, frituurvet, poedersuiker – gezeefd

Bereidingswijze: 

Snijd de gepelde bananen schuin in de breedte in plakken van circa 3 cm dikte. Doe de plakken banaan in een kom en besprenkel ze met citroensap.

Vermeng kaneel met foelie en basterdsuiker. Strooi dit mengsel over de bananen en werk het geheel voorzichtig met een metalen lepel om. Verhit het frituurvet tot matig heet (150°C).

Klop in een kom het ei los met het bier en meng er bloem en zout door. Prik telkens een stukje banaan aan een vork of een breinaald en haal het door het beignetbeslag. Zorg dat alle kanten met beslag zijn bedekt. Friteer de beignets met 4 of 5 tegelijk tot ze goudbruin zijn. Neem ze met een schuimspaan uit de pan en laat ze op keukenpapier uitdruipen. Doe de beignets vervolgens over op een voorverwarmde schaal. Houd ze warm tot alle beignets zijn gebakken. Bestrooi ze met poedersuiker.

Appelbeignets worden op dezelfde wijze bereid met plakken appel. In tegenstelling tot appelbeignets, die ook koud kunnen worden gegeten, moeten bananenbeignets warm worden opgediend. Bij lang warm houden worden de bananen overgaar.

Add a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *